De Tongariro Alpine Crossing

In Napier zagen we dat het schitterend weer zou worden bij de vulkanen in Tongariro National Park. En dat werd het! Dus wij gingen in de herkansing en konden dit keer de Tongariro Alpine Crossing doen, een dagtocht van 19,4 km waarvan gezegd wordt dat het de spectaculairste ééndaagse wandeltocht in Nieuw-Zeeland is. We reden via Taupo naar de camping waar we eerder in de vriezende kou hadden vertoefd. Dit keer hing er geen regensluier over Taupo en waren de vulkanen ver over het grote meer zichtbaar. Na een lunch reden we verder naar Whakapapa Village. Zo anders met de warmte en een stralende zon. Ons vertrouwde plekje was weer vrij, we boekten de tourbus die ons bij het begin van de tocht zou droppen en aan het einde ons weer zou ophalen. We lummelden lekker in de zon, maakten wat eten in de gezamenlijke keuken. Nu zaten we daar graag ter verkoeling in plaats vanwege de kou. Ik bladerde wat door mappen waarin stond wat te doen bij een vulkaanuitbarsting. Een realistisch gevaar. In 2012 was er nog een uitbarsting. Niet veel later ging er een luid alarm. Iedereen schrok op en keek elkaar aan van is dit hét alarm en f*ck wat moeten we nu doen??? Maar een Nieuw-Zeelander wist ons gerust te stellen dat het ging om een oproep voor de vrijwillige brandweer. Gelukkig, maar het zet je toch aan het denken.. 😉

De Alpine Crossing

De camping was behoorlijk drukker, gewoon vol. En zo ook de tourbus die ons om 07:00 ’s ochtends naar het beginpunt bracht. Het was niet de enige tourbus… bus en busladingen vol werden er gedropt. Rijen stonden er voor het toilet… maar het was dan ook een perfecte dag (wat heel vaak niet het geval is waardoor het te gevaarlijk is). Onze chauffeuse verzekerde ons ervan dat al onze foto’s er nep uit zouden zien vanwege de strakblauwe lucht en scherpe zon.

Vol goede zin, samen met honderden anderen, gingen we op pad. Het pad is bijzonder goed aangeharkt. Je hebt eigenlijk maar echt één lastige beklimming en afdaling… Heel steil. Verder zijn er allemaal keurige trappen. Het is niet persé een hele moeilijke tocht, maar zeker ook geen makkelijke. We zagen veel mensen die het onderschat hadden. En dan kan het een hele lange dag worden. Regelmatig hoorden we mensen elkaar vervloeken met ‘Wie zijn idee was dit nou eigenlijk??!!’ en ‘nu zouden we die meren toch wel een keer moeten gaan zien!!’

Je begint in laag vulkanische gebied aan de voet van Mount Doom, je loopt langs een stroompje en hebt uitzicht op een witte bergtop zo’n 200 km verder gelegen. Je stijgt en klimt tot je op de Red Crater staat, een indrukwekkend iets. Dan volgt de steile afdaling met uitzicht op de Emerald Lakes en de Blue Lake. Oogstrelend! Ik was blij dat we onze wandelstokken mee hadden, want die afdaling was een worsteling voor velen.
Na de Blue Lake begint er een lange afdaling met prachtige uitkijkjes. Ook loop je langs een rookpluim, dat is een krater die nog steeds rookt sinds de uitbarsting van 2012. Je eindigt in een elfenbos. We zijn blij dat we er voor terug zijn gekomen, het is inderdaad magisch, zelfs met zoveel mensen om je heen.

Plannen voor Azië

Daags na de Alpine Crossing reden we richting Whanganui. Een mooie bergachtige weg. Je realiseert je hoe hoog je zat omdat je opeens zo daalt en de auto flink op de rem moet trappen om langzaam door de haarspeldbochten te rijden.

In Whanganui wilden we onze verdere reis regelen. Tenminste onze tickets omboeken. Maar het is hoogseizoen dus alles zit vol of je betaalt de hoofdprijs. Gelukkig is het ons uiteindelijk voor normale omboekingskosten gelukt (80 ipv 600 of meer euries per ticket). We vliegen nu 23 januari naar Singapore, daar vieren we Pris haar verjaardag. Dan reizen we door Maleisië en Thailand, daarna is het plan om naar Myanmar te gaan en tot slot naar Cambodja en Vietnam. Dat is nu tenminste onze grove plan. We hebben nu nog iets minder dan 8 weken in Nieuw-Zeeland. We reizen nu langzaam af richting Wellington waar we de Ferry naar het Zuidereiland nemen. Daar hebben we nog 7 weken, waarvan (over 2 weken) we 1 week vrijwilligerswerk gaan doen op een farm. In ruil voor 4 á 5 uur per dag werken in de tuin en met paarden krijgen we kost en inwoning! Een mooie manier om op een andere manier kennis te maken met de Kiwi’s.